vroeger en nu

De Middenvijver

De Middenvijver is het laatste stuk van de Borgerweertpolder dat opgehoogd werd met zand uit de Schelde. 

De Borgerweert was het gebied dat lag tussen de Schelde aan de Noord en oostzijde, en de Blokkersdijk en in het verlengde daarvan de Suikerdijk aan de westekijke en zuidelijke kant. (militaire kaart 1902)

Het was een waterrijk gebied, waar niet veel meer landbouw kon gebeuren dan veeteelt. De beenhouwers van Antwerpen lieten hun koeien daar grazen tot ze slachtrijp waren. Het was een onbewoond gebied, behalve het gehucht van Zwijndrecht, recht tegenover de stad Antwerpen. Het heette Vlaams Hoofd en deze naam geeft duidelijk aan wat het belang was van deze plaats. Het was een verdediging tegenover de de Brabantse vijand. Het hele gebied kon gemakkelijk onder water gezet worden, en Blokkersdijk en de Suikerdijk moesten Zwijndrecht en Burcht beschermen tegen het water. Vlaams Hoofd bevond zich op dijkhoogte en kon zo de grootste ellende ontkomen.

Want het gebied is herhaalde malen overstroomd. En niet enkel door natuurrampen, maar dikwijls ook door oorlogsgeweld. Farnese kwam uit Gent met zijn schepen, tot in Burcht. Daar liet hij de Scheldedijk doorsteken, en voer met zijn schepen over de Borgerweert tot aan Blokkersdijk. Daar vorderde hij de bewoners van Melsele op om zijn schepen over de dijk te dragen. Vervolgens stak hij de scheldedijk door, en legde zijn fameuze Farnese-botenbrug van Fort St Marie tot de Filipsschans aan de overzijde (waar nu de Total-raffinaderij is). Op die manier ontsnapte hij aan het geschut van de Antwerpenaren, die Staats waren.
Op de ets van het beleg van Antwerpen, zie je aan de linkerkant Stad Antwerpen, met daar tegenover het Vlaams Hoofd. Verder naar rechts Blokkersdijk en Suikerdijk, en de hele Borgerweertpolder onder water. De dijkbreuken zijn goed te zien. Ook heel Melselepolder is overstroomd. Zie ook Spanjaarden

Maar ook bij de Belgische omwenteling werd Borgerweert onder water gezet. Het waren ditmaal de Hollandse garnizoenen, die de sluizen opzetten op 24 oktober 1830. Zeven jaren later was er een dijkbreuk in Burcht, waardoor het hele gebied onder water kwam te staan. Vijf mensen lieten het leven.

In 1921 werd de druk om Borgerweert bij Antwerpen te voegen zeer groot. Er waren allerhande motieven om dit te doen. Er was de vraag van de povincie Oost-Vlaanderen om een betere verbinding te hebben met de metropool Antwerpen. Er was interesse van Antwerpen om de haven op de Linkeroever uit te bouwen. En er was de voortdurende oorlogsdreiging, die ervoor zorgde dat ook de Borgerweertpolder deel ging uitmaken van de forten-gordel van Antwerpen. Dat alles resulteerde tot de overname van de Borgerweert naar de Stad Antwerpen in 1923. Niet zonder protest van Zwijndrecht en Burcht, die onder meer een tunnel eisten onder de Schelde.

De gronden van de Borgerweertpolder moesten worden afgestaan aan een maatschappij, die belast zou worden met de bouw van een tunnelverbinding. De middelen daartoe zouden geput worden uit de opbrengst van de gronden. In 1927, na veel geplaver, werd er een schadevergoeding aan Zwijndrecht uitgekeerd van 725.000 frank. Burcht werd 50.000 frank toebedeeld, maar was niet akkoord, en kreeg uiteindelijk 105.000 frank.

Op 8 mei 1929 werd IMALSO opgericht, een intercommunale, waar de stad Antwerpen, de provincie Antwerpen, de stad Sint Niklaas en de provencie Oost-Vlaanderen, Zwijdrecht, Burcht, Melsele, Beveren en de Belgische staat in vertegenwoordigd waren.

De gronden van Linkeroever werden opgespoten met zand uit de Schelde, en stilaan kwam Sint Anneke  4 meter hoger te liggen dan zijn oorspronkelijk niveau. Men had zijn voorzorgen genomen tegen de veelvuldige overstromingen, en het maaiveld hoger gelegd dan de Stad Antwerpen. Helaas is in deze tijd van milieu-opwarming dit nog niet hoog genoeg, en krijgen we opnieuw dijken.

Het laatste stukje Borgerweertpolder was de Middenvijver. Het Rot was reeds opgespoten, evenals de Blancefloerlaan (die altijd al hoger had gelegen, vanwege militaire doeleinden). Aan de oostzijde werd het gebied begrensd door de Willem Gijsselstraat en de August Van Cauwelaertlaan.

De centrale as van het gebied was een anti-tank kanaal van ongeveer 10 meter breedte. Aan de oostzijde (Willem Gijseelsstraat) mondde het uit in een geul, die in verbinding stond met een plas aan de overkant van de Blancefloerlaan, die op zijn beurt onder de spoorweg verbonden was met een plas van het Galgenweel. Aan de westzijde van het kanaal was een ganzenkwekerij, Donckers genaamd. Aan de zuidkant van het kanaal was alleen maar wilde begroeiing te vinden en rietvelden. Het was ondoordringbaar voor mensen. Aan de noord-oever van het kanaal waren er cabanes opgetrokken door vissers, die daar veelvuldig aanwezig waren. Verder van de oever bevonden zich "de Vrije Planters". Zij hadden groententuintjes gemaakt  op de vruchtbare poldergrond.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het gebied was een oase voor dieren en planten. Hagedissen, kikkers, padden, water-en andere vogels hadden daar een paradijs. Maar ook voor de (weinige) bewoners van Sint Anneke was de Middenvijver befaamd. Omdat in de winter het kanaal dichtvroor, en dit een ijsbaan opleverde van 10 meter breed en 1 km lang.

 

In 1975 kwam er een eind aan dit aards paradijs. Het werd bedolven onder meters zand. Het bleef echter een vochtig gebied, en enkele dagen regenval toverde het water van het antitankkanal weer te voorschijn. Vochtige zandgronden creëren een speciale begroeiing. Die heeft op de Middenvijver helaas geen kans gekregen, omdat de overheid besliste om te maaien en er een monotone grasweide van te maken.

Het gebied is na de opheffing van IMALSO geërfd door Waterwegen en Zeekanaal nu genaamd de Vlaamse Waterweg nv.

De missie van W&Z is duidelijk: een duurzaam en dynamisch beheer van de bevaarbare waterwegen in haar werkingsgebied, inclusief de ernaast gelegen terreinen. W&Z stimuleert het multifunctioneel gebruik van deze waterwegen en gronden met oog voor de belangen van alle actoren en extra aandacht voor veiligheid en integraal waterbeheer.

W&Z beschouwt haar missie als een belangrijk maatschappelijk project en voert een modern, vernieuwend en toekomstgericht beleid met als inzet een mobieler, veiliger en groener Vlaanderen.

Het is dus de vraag wat W&Z moet met de Middenvijver. Het is geen waterweg en het is geen oever. En maatschappelijk project is blijkbaar eerder gericht op geld verdienen dan op zorg voor groen. Ze gaven het terrein in concessie aan Docking Station, organisator van Summer festival en Laundry day, voor een periode van 20 jaar.


 RUP 

Fotogalerij: De Middenvijver

/album/fotogalerij-de-middenvijver/midddenvijver1-jpg/
/album/fotogalerij-de-middenvijver/middenvijver-jpg/
/album/fotogalerij-de-middenvijver/opspuitingen-jpg1/
/album/fotogalerij-de-middenvijver/vrije-planters-jpg/