vroeger en nu

Henri Van De Velde 3-04-1863 / 1957

De Belgische kunstenaar, die als representant van de Art Nouveau wordt vaak in één adem genoemd met Victor Horta. Zijn kunstzinnige en architectonische kwaliteiten leverden Van der Velde de bijnaam ‘apostel van het functionalisme’ op.

De in 1863 geboren Van der Velde bracht zijn jeugd door in zijn geboorteplaats Antwerpen, waar hij zich vooral bezig hield met muziek, literatuur en schilderkunst. Vanaf 1881 volgde hij een kunstopleiding bij Charles Verlat aan de kunstacademie. Na drie jaar vertrok hij naar Parijs en ging hij in de leer bij de Franse schilder Charles Carolus-Duran. Hij raakte gefascineerd door het symbolisme en neo-impressionisme en liet zich inspireren door Jean-François Millet, de School van Barbizon en Vincent van Gogh. In 1889 werd Van de Velde in Brussel lid van kunstenaarsgroep Les Vingt, waarna zijn eerste belangrijke expositie plaatsvond.

In deze periode maakte hij kennis met het de toegepaste kunst en industriële vormgeving van de Engelse Arts and Crafts Movement. Van de Velde vond hierin zijn roeping en liet vanaf 1892 het schilderen voor wat het was. Hij legde zich toe op architectuur en vervaardigde meubelstukken, kleding, sieraden en gebruiksvoorwerpen. Hij pleitte voor een functionele kunststijl, gekenmerkt door elegante vormen en nieuw materiaalgebruik (zoals metaal en glas) – kenmerkend voor de Art Nouveau. In 1896 voltooide hij zijn eigen woning, Huis Bloemenwerf in Ukkel, waar hij veel waardering mee oogstte. Rond 1900 kreeg Van de Velde de nodige opdrachten in Duitsland en Frankrijk. Zo ontwierp hij onder andere het moderne kunstmuseum Folkwang in Hagen en werd zijn werk tentoongesteld op de Wereldtentoonstelling van Parijs in 1900.

In 1906 verhuisde Van der Velde naar Weimar en werd daar directeur van de nieuwe Groothertogelijke School voor Kunst en Nijverheid. In deze periode legde hij de basis voor het Bauhaus, de academie die later door zijn leerling en opvolger Walter Gropius werd opgericht. Begin jaren ’20 verzorgde Van der Velde het ontwerp voor het Kröller-Müllermuseum. In 1926 richtte hij in Brussel het Institut des Arts Decoratifs de la Cambre op en werd hij hoogleraar aan de Universiteit van Gent. Tussen 1936 en 1942 ontwierp hij zijn laatste bouwwerk, de Technische School in Leuven. Zijn oude dag sleet Van de Velde in Zwitserland, waar hij zijn memoires schreef en in 1957 op 94-jarige leeftijd overleed.

Een tunnelverbinding tussen de Scheldeoevers opende perspectieven voor een uitbreiding van Antwerpen op de linkeroever. In 1926, zeven jaar vóór de internationale IMALSO-wedstrijd, krijgt Henry van de Velde de opdracht om een wooncomplex te ontwerpen. Hij voorziet tegenover het Steen een groot plein, gesitueerd tussen vier torengebouwen. Het plein wordt afgesloten door een driedelige boogconstructie. Een weg die parallel loopt met de Schelde verbindt de twee torens. Het ontwerp bevat duidelijke referenties naar de Assyrische en Babylonische bouwkunst: een terrasvormige opbouw en de zigguratvorm lerg populair in de art deca van de jaren '201. Van de Velde plant ook een autosnelwegverbinding met de grote Belgische steden en met het hinterland. Het project wordt niet uitgevoerd, evenmin als zijn projecten uit 1933 voor sportinfrastructuur op de linkeroever.

In 1926 wordt aan Henry van de Velde gevraagd om een wooncomplex te ontwerpen voor de Linkeroever in Antwerpen. Dit project, in hetzelfde jaar tentoongesteld in de Galerie Dietrich te Brussel, bestaat uit verscheidene hoge gebouwen waarbij de privé-woningen op de bovenste verdiepingen en winkels en kantoren onderaan worden voorzien. Het geheel is opgevat als de aanvang van een nieuw stadsgebied voor Antwerpen. Van de Velde plant ook de aanleg van een autostrade om Antwerpen met het hinterland en zelfs met de omringende landen te verbinden. Het project wordt echter afgevoerd wegens een Belgisch-Zwitsers interessenconflict (een Zwitserse financiële groep eiste een vrijhaven in ruil voor de medewerking), evenals zijn ontwerpen voor sportaccomodaties in Antwerpen uit 1933, en zijn ontwerp voor een koninklijke villa in Lombardsijde (1926).